Contact    Inloggen    

 

Kindcentrum De Klister
Noorderdiep 123
9521 BC  Nieuw-Buinen
T 0599-613864
E-mail

20171123_112432

Passend onderwijs

Ondersteuningsstructuur

De meeste leerlingen in de basisschool komen voldoende tot ontwikkeling met behulp van de basisondersteuning. Een kleine groep leerlingen heeft aanvullende ondersteuning nodig. Het gaat dan om leerlingen die opvallend gedrag vertonen, een ontwikkelingsvoorsprong of ontwikkelingsachterstand laten zien en/of lichamelijke, sociale of emotionele problemen hebben.

Het bestuur van CKC Drenthe heeft zowel op schoolniveau al op bovenschools niveau (OnderwijsOndersteuning) mogelijkheden gerealiseerd voor het bieden van ondersteuning aan leerlingen, leerkrachten en/of ouders. Hieronder beschrijven we deze ondersteuningsniveaus:

 

Basisondersteuning

  1. In onze scholen werken betrokken en capabele leerkrachten.

    Leerkrachten zetten zich dagelijks in om de leerlingen zo te ondersteunen dat zij tot ontwikkeling komen. Zij geven instructies op maat, stellen leerlijnen bij, monitoren ontwikkeling en zorgen voor een positief groepsklimaat. Leerkrachten onderhouden contacten met ouders over de vorderingen van het kind(eren) en in welke mate zij ondersteuning nodig hebben.

  2. In onze school werken betrokken en capabele onderwijsassistenten.

    Iedere school binnen CKC Drenthe heeft een aantal uren onderwijsassistentie vanuit OnderwijsOndersteuning (OO). Op onze school is dat 30 uur. Deze uren kunnen we inzetten waar de ondersteuning van leerlingen meer uren vraagt in het klassenmanagement.

    Onderwijsassistenten kunnen de groep ondersteunen tijdens het zelfstandig werken, zodat de leerkracht tijd heeft om instructie te geven aan individuele of groepjes leerlingen. Onderwijsassistenten kunnen ook individuele of groepjes leerlingen begeleiden evt. buiten de groep voor automatisering. Denk hierbij aan woordrijen lezen, inoefenen van tafels, rekenspelletjes met sprongen vooruit, etc.

  3. Voor leerkrachten en onderwijsassistenten is het prettig als er met regelmaat iemand meekijkt naar de processen in de groep en de ontwikkeling van individuele leerlingen. Vanuit OO werken we met Intern Begeleiders. Voor onze school zijn dat Nienke Jalving (groep 0 t/m 4/5), Daphne Miedema (groep 5 t/m 7) en Hans Kardol (groep 8)

    IB-ers zetten zich in om leerkrachten en onderwijsassistenten te ondersteunen in de dagelijkse praktijk met leerlingen. Dat doen zij door leerlingbesprekingen, door te observeren in de groep en door te reflecteren met leerkrachten en onderwijsassistenten waarbij beeldbegeleiding ingezet kan worden. IB-ers houden zich bezig met de ondersteuningsstructuur op schoolniveau en zijn gesprekspartner voor directies m.b.t. alle aan passend onderwijs gerelateerde onderwerpen. IB-ers ontmoeten elkaar regelmatig en delen kennis en ervaringen.

  4. De IB-er kijkt mee en adviseert de leerkracht m.b.t. de ondersteuning aan leerlingen. Soms is de vraag echter zo specifiek of complex dat de IB-er daarvoor wil overleggen met een specialist. Daarvoor kan de IB-er terecht bij het OndersteuningsTeam (OT)

    Het OT bestaat uit specialisten op het gebied van gedrag, orthopedagogiek, ontwikkelingspsychologie, ontwikkeling en onderwijs. Zij komen regelmatig op de scholen om te sparren met de IB-er. Om dat goed te kunnen doen komen zij ook in de groepen.

    Aan iedere school is een lid van het OT verbonden. Voor onze school is dat Philiene Woltmeijer.

     

    Aanvullende ondersteuning

  1. Inzet van extra middelen

    Hiervan is sprake wanneer een leerling specifieke hulp- en/of leermiddelen nodig heeft.

    Voorbeelden hiervan zijn: een andere lesmethode dan die wij hanteren, hulpmiddelen om een prikkelarmere werkplek te realiseren, computerprogramma Kurzweil voor leerlingen met dyslexie of aanpassingen aan het toilet of meubilair.

  2. Onderzoek door het OndersteuningsTeam

    Leden van het OT kunnen gericht onderzoek doen door middel van observaties en/of toetsen. Doel van onderzoek is het kunnen optimaliseren van de handelingsadviezen aan de leerkracht. Hiervoor wordt altijd de  toestemming van ouders gevraagd. De uitkomst van een onderzoek wordt met ouders gedeeld en besproken.

  3. De IB-er onderhoudt contacten met de zorgondersteuners van de gemeente. Er is regelmatig contact met het sociaal team en jeugdgezondheidszorg. De Ib-er vormt met hen een ZorgAdviesTeam (ZAT). Wanneer uw kind(eren) besproken worden in het ZAT wordt u daarvan op de hoogte gebracht. Voor ons als kindcentrum is dit de ingang naar de tweedelijnshulpverlening.

  4. Wanneer ouders hulp zoeken voor hun kind(eren) bij een zorgaanbieder, werken we graag met hen samen. Waar het kan stemmen we handelingswijzen of leerlijnen op elkaar af.

     

    Extra ondersteuning

    Als blijkt dat de interventies vanuit de basis- en aanvullende ondersteuning op de basisschool onvoldoende bijdragen aan de ontwikkeling van de leerling, wordt overgegaan tot het bieden van extra ondersteuning.

    SWV22.02

    Binnen ons samenwerkingsverband wordt extra ondersteuning geboden in het basisonderwijs en op scholen voor speciaal basisonderwijs (SBO) en op scholen voor speciaal onderwijs (SO).

    Van extra ondersteuning in het basisonderwijs is sprake als de leerling een arrangement van het samenwerkingsverband heeft. Om daarvoor in aanmerking te komen dient de school een onderbouwt verzoek in bij de commissie arrangeren. 

    Toelating tot het SBO en SO verloopt via een onafhankelijke Commissie van Toelaatbaarheid (CvT).

     

    De toelaatbaarheidsverklaring wordt aangevraagd door het schoolbestuur. In de aanvraag worden de ingezette interventies en de resultaten daarvan beschreven. Het OT schrijft daarop een deskundigenadvies. In dit advies wordt beschreven wat uw kind nodig heeft aan ondersteuning, waarom dat niet in het regulier onderwijs geboden kan worden en er wordt een afweging gemaakt of dat aanbod gevonden kan worden in het SBO of SO. Onderdeel van de aanvraag is de zienswijze van ouders. Daarin beschrijven ouders hoe zij de ontwikkeling van hun kind ziet en wat zij vinden dat hij of zij nodig heeft. Soms wordt ook de zienswijze van de beoogde vervolgschool eraan toegevoegd. Daarin beschrijven zij hoe ze denken tegemoet te kunnen komen aan de ondersteuningsbehoefte van de leerling.

    De CvT bepaalt of een leerling toelaatbaar is voor het SBO of SO. Bij een positief advies, ontvangt de leerling een toelaatbaarheidsverklaring en melden ouders hun kind bij de nieuwe school aan.

     

    Over onze ondersteuningsstructuur kunt u meer lezen in ons SchoolOndersteuningsProfiel. Deze kunt u inzien bij ons op school.

Agenda

Actiepunt Ouderraad

De Ouderraad heeft nog als actiepunt uitstaan zichzelf voor te stellen door het schrijven van een artikel waarin men zich voorstelt en iets verteld over de taken van de ouderraad

Copyright 2015 CBS De Klister     |    disclaimer